3x een nieuw begin (2)

Published by Melanie Plag on

20 Maart is Wereldverteldag. Het thema voor 2021 is ‘Een nieuw begin’. We kunnen helaas niet bij scholen langskomen om verhalen rond dit thema te vertellen. Maar met de suggesties uit deze driedelige serie kun je zelf in de klas een nieuw begin maken en met je leerlingen splinternieuwe verhalen bedenken!

Begin met een beeld

Bij de eerste ‘verhaalstarter’ begonnen we met een voorwerp. Deze keer gaan we uit van een afbeelding. Verhalen bestaan uit woorden en zinnen, maar daarbij vormen we beelden in ons hoofd. Door beelden als uitgangspunt te gebruiken, stimuleer je beeldend taalgebruik. En het biedt mogelijkheden om er een les beeldende vorming aan te koppelen!

Beeldmateriaal zoeken

Kies afbeeldingen waarop ten minste één persoon goed te zien is. Je kunt daarvoor een plaatje uit een tijdschrift knippen/scannen, gebruik maken van ansichtkaarten, online een foto zoeken (bijvoorbeeld op Pixabay) of een bekend schilderij nemen (zoals bovenstaand schilderij van Mary Cassat of deze: van Picasso of Manet.)

Let bij je keuze erop dat er details zijn die iets zeggen over de persoon; sommige portretten zijn te neutraal en prikkelen de fantasie niet.
Je hoeft niet iedere leerling een eigen portret te geven, meerdere kopieeën van 5-10 afbeeldingen is genoeg. Het is juist leuk als er heel verschillende verhalen ontstaan bij hetzelfde plaatje.

Wie is je personage?

De persoon op de afbeelding wordt de hoofdpersoon van je verhaal. Stel vragen om deze persoon beter te leren kennen.

  • Hoe heet hij (of zij)?
  • Wat is zijn leeftijd?
  • Wat doet hij graag, wat niet?
  • Wat voor karakter heeft hij? Rustig, druk, vriendelijk of gemeen?

Bedenk ook wat details over de persoonlijke omgeving van je persoon:

  • In wat voor huis woont hij of zij? Of op wat voor plek werkt hij/zij?
  • Wonen/werken er op die plek ook andere mensen?
  • Waar bevindt de persoon zich nu, op de afbeelding?
  • Als je de foto of het schilderij groter zou maken, wat is er dan verder nog te zien?

Hoe gaat het verder?

Denk aan de foto of het schilderij als een beeld uit een film die je even op pauze hebt gezet, een momentopname in een reeks gebeurtenissen.

  • Hoe voelt je personage zich op dit moment? Hoe komt dat?
  • Wat gebeurde er net voor dit moment? Welke andere mensen (of dieren) spelen daarbij een rol?
  • Wat gaat hij/zij nu doen? Hoe gaat de film verder als je op ‘play’ drukt en wat is er dan te zien?
  • Hoe loopt het uiteindelijk af?
  • Hoe voelt je hoofdpersoon zich dan?

Teken het!

Met drie tekeningen kun je het hele verhaal vertellen, in een stripje of een drieluik:

  1. Wat voorafging
  2. De situatie zoals op de gegeven afbeelding
  3. Wat daarna gebeurt

De tekeningen zijn een geheugensteuntje om het verhaal daarna te vertellen. Als je wilt kun je aan het tekenen nog een beeldende opdracht koppelen: bijvoorbeeld de tekeningen qua kleur, stijl of vlakverdeling laten aansluiten op de startafbeelding (afhankelijk van leeftijd en vaardigheden van je leerlingen).